Heemskerk, I.M.C.C., Eck, E. van, Buisman, M. & Sligte, H. (2018)

Samen op weg naar een startkwalificatie. Evaluatie van vsv-projecten in het programma Kansen voor Jongeren van het Oranje Fonds

 

Rapport 984

ISBN 94-6321-056-0

Amsterdam: Kohnstamm Instituut

 

 

Contactpersoon

Projecten voor voortijdig schoolverlaters effectiever bij goede contacten met de school en focus op schoolse voorwaarden

 

Binnen het programma ‘Kansen voor Jongeren’ hebben twintig initiatieven met inzet van vrijwilligers programma’s ontwikkeld om voortijdig schoolverlaten (vsv) tegen te gaan. Een kwart van de jongeren haalde een startkwalificatie gedurende het driejarige programma en ruim de helft was nog op weg naar een startkwalificatie. Deelname aan het programma geeft een positieve wending aan het leven van de jongeren.

 

Combinatie van problemen

Jongeren die deelnemen aan programma’s om voortijdig schooluitval tegen te gaan, kampen met meer problemen dan gebrek aan motivatie voor school alleen. Ze missen een ondersteunend netwerk en hebben weinig zelfvertrouwen kunnen opbouwen. Daarnaast hebben ze te maken met praktische problemen op het gebied van huisvesting of financiën. Vaak blijkt dat een combinatie van problemen maakt dat deze jongeren zich moeilijk kunnen focussen op een opleiding. Dat blijkt uit onderzoek in opdracht van het Oranje Fonds, waarin zogenoemde vrijwilligersinitiatieven drie jaar lang zijn gevolgd.

 

Maatwerk leveren

De vsv-preventieprojecten hebben een mix van verschillende methodieken ingezet, waarbij maatwerk centraal staat. Kenmerkend is dat zij hun aanpakken richten op zowel het versterken van sociale verbinding, als op de ontwikkeling van autonomie en competenties van jongeren. Centraal in de aanpak staat het werken met 1-op-1-begeleiding door een vrijwilliger als maatje of mentor. Deze ondersteunen de jongeren bij het aanbrengen van structuur in hun leven, helpen bij het verder ontwikkelen van sociale vaardigheden en reflecteren met de jongeren op hun ontwikkeling en de toekomst.

 

Startkwalificatie

24% van de jongeren haalt een startkwalificatie gedurende het programma, ruim de helft van de jongeren was bij afsluiting van het onderzoek nog bezig met de opleiding. Zo’n 20% van de jongeren stopt (opnieuw) voortijdig met de mbo-opleiding. Uit het onderzoek blijkt dat de beste strategie voor het begeleiden risicojongeren naar een startkwalificatie bestaat uit:

  • goede contacten tussen het vsv-project en de school (ROC);
  • een projectorganisatie die dichtbij het ROC opereert;
  • een inhoudelijke focus op schoolse voorwaarden binnen de projecten.

 

Jongeren hebben minder kans op schooluitval als projecten deze aanpakken toepassen. Een warme overdracht en een projectorganisatie die inhoudelijk goed weet aan te sluiten bij wat een school verwacht van studenten (zoals doelen stellen, kunnen plannen en organiseren, leren-leren) helpen jongeren om een opleiding succesvol af te ronden. Vroegtijdige interventie (als de jongere dreigt uit te vallen maar nog op school zit) in combinatie met een goede relatie tussen een vsv-project en ROC, verdubbelt bovendien de kans een startkwalificatie. Als de focus van een vsv-project vooral ligt op het aanpakken van sociaal-economische problemen zoals huisvesting of psychische problemen, is de kans op het behalen van een startkwalificatie juist kleiner. Maar soms moeten deze obstakels eerst worden weggenomen voordat een jongere zich kan richten op school. Motivatie blijkt tot slot een doorslaggevende factor. Want gebrek aan motivatie van jongeren hangt sterk negatief samen met de kans op een startkwalificatie.

 

Meerwaarde deelname

Ruim 80% van de jongeren geeft door deelname aan het programma een positieve wending aan hun leven en de helft van de jongeren vindt dit de belangrijkste uitkomst. Het gaat dan bijvoorbeeld om het oplossen van individuele problemen of het werken aan een positief sociaal netwerk. Jongeren zien zelf een toename van hun motivatie, zelfvertrouwen, zelfstandigheid, sociale vaardigheden en loopbaancompetenties. En ze merken verbetering van hun netwerk en leefsituatie.

 

 

Feiten op een rij