Kwaliteit in de peuter- en kleutergroepen en ontwikkeling van kinderen.
De peuterschool in Amsterdam.
De peuterschool in Amsterdam.
Veen, A., Heurter, A., Veen, I. van der & Bollen, I. (2019).
RAPPORT: 1003 ISBN: 97-894-6321-0973
De gemeente Amsterdam is een aantal jaren geleden begonnen invulling te geven aan het harmonisatiebeleid voorschoolse voorzieningen (peuterspeelzalen en kindercentra). Onderdeel van dit beleid is de koppeling van voorschoolse voorzieningen met het onderwijs tot een integrale voorziening met een hoogwaardig pedagogisch aanbod voor alle jonge kinderen. In dit kader heeft tussen 2014 en 2018 een experiment plaatsgevonden waarin samenwerkingsverbanden van basisscholen en voorschoolse voorzieningen hebben geëxperimenteerd met de zogenoemde ‘peuterschool’, een geïntegreerde voorziening voor kinderen van tweeënhalf tot 12 jaar. Het Kohnstamm Instituut voerde in opdracht van de gemeente Amsterdam een effectonderzoek uit. Nagegaan werd in hoeverre er effecten zijn van de peuterschool op de ontwikkeling van kinderen die eraan deelnemen, op de kortere en langere termijn, op de domeinen taal, rekenen en sociaal-emotionele vaardigheden.
Op twee verschillen na vonden we geen significante verschillen tussen kinderen die deelnemen aan de peuterschool en vergelijkbare kinderen uit de controlegroep. De controlegroep werd samengesteld uit vergelijkbare kinderen in het bestand van het pre-COOL cohortonderzoek, die naar reguliere (vve)peuterspeelzalen of kinderdagverblijven gingen. De peuterschoolkinderen scoorden wat beter op aandacht op tweejarige leeftijd en op driejarige leeftijd hadden zij wat betere rekenvaardigheidsscores.
De bedoeling van de peuterschool is om een doorlopend traject te bieden van de voorschoolse voorziening naar de basisschool waarmee wordt samengewerkt. Dit is niet voor alle kinderen goed gelukt. De groep die na de voorschoolse voorziening instroomde in het basisschooldeel van de peuterschool betrof vooral kinderen van ouders met een lager opleidingsniveau. Ouders met een hogere opleiding kozen, na gebruik te hebben gemaakt van de voordelen die de peuterschool bood (twee dagdelen gratis opvang; aanwezigheid van een vve-programma, dat zeer op prijs werd gesteld door hogeropgeleide ouders) liever voor een andere basisschool.
Dat een deel van de kinderen niet doorstroomde binnen het traject, heeft het onderzoek bemoeilijkt: er was veel uitwaaiering en we hebben moeite moeten doen om kinderen buiten de peuterscholen te blijven volgen op andere basisscholen. De kinderen van lageropgeleide ouders, die in het traject bleven, hebben echter op de peuterscholen wel goede kwaliteit gekregen.
Contactpersoon: Annemiek Veen
Kohnstamm Instituut doet onderzoek op het gebied van onderwijs, opleiding, opvoeding en jeugdhulp. Wij zijn gespecialiseerd in opdrachtonderzoek en komen voort uit de Universiteit van Amsterdam.